Ik las Oeroeg, zoals de meeste van u waarschijnlijk, voor mijn Nederlandse lijst. De reden was, ik neem aan dat ook hier voor u hetzelfde geldt, dat het zo lekker dun is!
Het vierde Nederland Leest-boek is, na ‘Dubbelspel’, ‘De gelukkige klas’ en ’Twee vrouwen’, dan ook verreweg het dunste tot nu toe.
Eigenlijk kon ik me van Oeroeg niets meer herinneren. Lezen voor mijn lijst vond ik vreselijk, dus het zal wel een kwestie van ‘haastig lezen en zo snel mogelijk weer
vergeten’ zijn geweest.
Maar goed, ik ben nu een stuk ouder (ik ga waarschijnlijk op mijn 66ste met pensioen, rekent u maar uit) en heb het in aanloop naar deze manifestatie weer herlezen.
Inmiddels kan ik de prachtige taal en verteltrant van de Grand dame van de Nederlandse literatuur, Hella S. Haasse, waarderen.
Ik zie ook waarom de keuze op dit boek is gevallen. Het heeft twee thema’s die van alle tijden en culturen zijn: het veranderen van een onvoorwaardelijke kindervriendschap onder invloed van jaren en ongelijkheid en de vraag waar je je thuis voelt, als je opgroeit in twee culturen.
In de speciaal uitgegeven leesgids staan twee auteurs die Oeroeg ook hebben herlezen:
Aya Zikken: ‘De verandering van Nederlands-Indië in Indonesië zie je weerspiegeld in de gezichten en de houdingen van de mensen in Oeroeg. Dat is zo mooi gedaan. En het heeft mij extra getroffen, omdat ik het een beetje kan vergelijken met mijn eigen leven. Ik had ook een Indisch vriendje, Raméh, met wie ik altijd speelde. Maar ik ben ruim voor de oorlog weggegaan. Ik heb niet meegemaakt dat vrienden je als onderdrukker gingen zien. Hella S. Haasse heeft die veranderingen prachtig beschreven’
Aya Zikken (1919), auteur en reizigster, verhuisde op haar zesde naar Nederlands-Indië en zat in Batavia bij Hella S. Haasse in de klas.
Marion Bloem: ‘Mijn leraar Nederlands raadde het aan, want ik zou er veel in herkennen. Maar ik was gekwetst door de negatieve typering van de halfbloed, mijn familie zogezegd, want de Indo komt er in Oeroeg lelijk vanaf. Dus heb ik het boek nooit gekoesterd: de koloniale hoofdpersoon en Oeroeg hebben dezelfde afkeer voor de halfbloed. Maar het is een mooi geschreven metafoor. Het zegt veel over de koloniaal en hoe iedereen een product is van zijn tijd.’
Marion Bloem (1952) is auteur en beeldend kunstenaar. Haar ouders kwamen in 1950 vanuit Indonesië naar Nederland.
Voor meer informatie over Oeroeg en Hella Haasse verwijs ik u graag naar de websites www.oeroeg.nl en www.hellahaassemuseum.nl .
Herkent u iets in bovenstaande fragmenten, of heeft u heel eigen ervaringen met het herlezen van Oeroeg? Ik hoor het graag.